Restauratie Botter MK 63

Vervanging van de "kont" van de botter

Klik op de foto om naar het album te gaan

Hieronder tref je het restauratiejournaal van de restauratie van de Botter MK 63 aan. De werkzaamheden zijn op dit moment, begin mei, nog in volle gang. De verwachting is dat we over enkele weken weer gaan varen.
Het album kun je bekijken door op de foto te klikken.

Subsidiegevers en Donateurs


 

Restauratiejournaal 13

Restauratiejournaal 13

Een lekkende naad onder water kun je niet breeuwen. Maar wat dan? Die vroegere ambachtslieden wisten 't wel. Bij lekkage onder de waterlijn moet je 'motten'. Een eeuwenoude methode met een blik of emmertje met houtmot aan een stok.
Dat gaat als volgt. Je houdt je emmertje of blikje met houtmot boven water vlak bij het lek. Vervolgens keer je het in een snelle beweging in het water om, de open kant dus naar beneden. Het zaagsel blijft dan door de opwaartse druk in je emmertje. Je beweegt je emmertje naar de plek waar het lek zit. Dan draai je je emmertje weer om, zodat het zaagsel langs de plek drijft en met het naar binnen stromende water wordt meegezogen in de lekkende naad, waar het zich vastzet. Als je 't goed hebt gedaan kun je zo het lek dichten. Makkelijk toch?

Foto's Peter Dorleijn, Anita Muller)
Tekst AM


 

Restauratiejournaal 12

De stuurboordskant met nieuwe huidgangen, gesmeerd en wel
Pils Stofberg zet nieuwe bussen op de vingerlingen. Dan kan het roer er ook weer aan
Eindelijk water! Het schip snakt ernaar
Een blije schipper, klaar om naar Hoorn terug te stomen

Restauratiejournaal 12

In mei is er koortsachtig gewerkt om de laatste huidgang op z'n plaats te krijgen. Daar was nog enig kunst- en vliegwerk bij nodig, want hoe mooi de plank ook in vorm leek, als hij vóór aansloot kreeg je achter een kier en omgekeerd. Maar met volharding werd ook dat probleem opgelost. Intussen was aan stuurboord de waterlijn afgetekend en waren primer en antifouling aangebracht.

Zodra die eigenwijze zesde plank vastzat kregen de vingerlingen van het roerbeslag aan de achtersteven nieuwe bussen, zodat het roer kon worden aangehangen. Door het lange droogstaan en het droge en winderige voorjaar kon je door de naden van het vooronder al naar buiten kijken. Als dat maar goed ging!

Op 5 juni 2020 was het dan eindelijk zo ver. Na zeven maanden gleed de MK 63 met een mooi gerestaureerd achterwerk te water. Het uur van de waarheid voor de mannen van de restauratieploeg. Zou de botter blijven drijven of meteen vollopen?
Het viel mee. De pomp moest er natuurlijk aan te pas komen maar al gauw bleek dat het achterschip, waar al het nieuwe hout in zat, snel droog was. De lekkage kwam door krimp van het bestaande hout dat zich eerst weer helemaal vol moest zuigen. De regen die toen viel was meer dan welkom.

Ja, en als zo'n schip water voelt wil het natuurlijk meteen varen. Ook de bemanning kreeg de kriebels, dus na het weekend ging de pomp eruit en de motor aan. Tijdens een mooi zomers motortochtje naar Hoorn konden de mannen met voldoening terugkijken op een langdurig, lastig en leerzaam karwei dat heel succesvol is verlopen en waaraan iedereen met grote inzet en enthousiasme heeft meegewerkt. Hulde dus!

En heel veel dank aan de fondsen en particulieren die dit financieel mogelijk hebben gemaakt:
Mondraan Fonds
Prins Bernhard Cultuurfonds
Gemeente Hoorn
Kerkmeijer-de Regt Stichting
En alle gulle crowdfunders!

Foto's Peter Dorleijn, Anita Muller)
Tekst AM


 

Restauratiejournaal 11

Een kluwen hennep, daarachter katoen, nodig voor het dichtmaken (breeuwen) van de naden tussen de huidgangen
Dommekrachten houden de huidgangen op hun plaats totdat ze zijn vastgeschroefd.
De 'werkbank' waar gereedschappen, lijm, lappeDe 'werkbank' waar gereedschappen, lijm, lappen, koffiespullen en wat al niet meer klaarliggen voor gebruik.
Aernout breeuwt de bovenste huidgang aan bakboord met katoen. Dat gebeurt met breeuwijzer en breeuwhamer.
Mart staat in de botter en is harpuis aan het smeren.

Restauratiejournaal 11

Het gaat nu hard. Er is al veel gebreeuwd, gepekt en gesmeerd. De komende weken moet de klus worden geklaard.

Foto's Peter Dorleijn, Anita Muller)
Tekst AM


 

Restauratiejournaal 10

Ivor zaagt een huidgang uit nadat hij de mal heeft afgetekend op het hout
Dirk boort de gaten voor een vulstuk.
Ivor schaaft de sluitgang aan stuurboordskant bij
De naden tussen de nieuwe huidplanken zijn gebreeuwd, gepekt en netjes afgewerkt.
De onderste huidgang aan bakboordskant is warm tegen het schip geklemd om hem te fixeren. Hij is nog iets te lang. Pas als de hele plank goed pas is wordt het eind afgezaagd

Restauratiejournaal 10

Nog één te gaan!
Deze week heeft de restauratieploeg de vijfde huidgang geplaatst waarmee de stuurboordskant van de botter nu helemaal dicht is. Dat ging voor de verandering zonder problemen. Nu de sluitgang aan bakboordszijde nog.

Intussen is er al flink gebreeuwd en gesmeerd, zodat het schip er prachtig uitziet en heerlijk ruikt. Als ook de bakboordskant dicht is moeten de laatste naden worden gebreeuwd en gepekt, gaan er nog enkele lagen harpuis over de nieuwe huid en moet het roerstel opnieuw worden aangebracht. Het vertoonde slijtage en wordt vernieuwd.

Maar laten we niet op de zaak vooruitlopen. De kimgang aan bakboord heeft al wel de juiste bocht maar het spantenverloop behoeft nog enkele aanpassingen. Daar gaat weer de nodige tijd mee heen. Hoe dan ook, het eind van de ingrijpende restauratie is in zicht!

Foto's Peter Dorleijn, Anita Muller)
Tekst AM


 

Restauratiejournaal 9

De tweede huidgang aan stuurboord wordt voor de zoveelste keer gepast. Op het bord staan onze subsidiegevers vermeld, inclusief onze succesvolle crowdfundingsactie.
Peter zaagt de tweede huidgang aan bakboord tussen de naden bij.
Jippe werkt een oude bout eruit.
Dirk probeert of het stuk hout al op maat is voor het grote gat in de dekenpoot.
Tweecomponentenlijm is onmisbaar bij een restauratie. Het eerste stuk voor de dekenpoot zit al op z'n plaats. Nu het tweede stuk nog vastzetten en dan is het gat goed gedicht. De dekenpoot kan weer een poos mee, al zal hij later wel een keer worden vervangen.
Vermoeiende klussen bij zo'n restauratie. Ivor brandt een plank ook aan de bovenkant.

Restauratiejournaal 9

Bij alle coronaperikelen zou je denken dat de restauratie van het achterschip van de MK 63 stilligt. Maar dat is gelukkig niet zo. De botter staat in een goed afgescheiden gedeelte van de loods in Enkhuizen, waar we - zo lang het kan - stevig doorwerken. Weliswaar met minder mensen tegelijk en natuurlijk op de voorgeschreven afstand van elkaar. En zonodig met mondkapjes op. Zo willen we de gang erin houden, want een houten schip mag niet te lang droog staan. Dan gaan de naden wijken en krijg je lekkage als het schip weer te water gaat.

De stand van zaken: vier van de zes huidgangen zitten nu op hun plaats. De voorbereidingen zijn getroffen voor de laatste twee huidgangen. Dus: oude bouten eruit, gaten dichten en de spanten mooi glad verlopend afvlakken. Dat laatste valt nog niet mee, want de nieuwe huidgangen komen enigzins afwijkend te liggen van de oude.

Tegenvallers zijn er ook. Zo moest een dekenpoot aan bakboord verstukt worden na constatering van een slechte plek, die bij het uitkrabben almaar groter werd. Een lastig karwei maar een kolfje naar de hand van Dirk, die met een paar kunstig gefabriceerde puzzelstukken de zaak weer netjes afdichtte, om de bouten heen.

Van scheepstimmerman Ivor leerden we dat je een plank ook kunt krombranden zonder hem met water vochtig te houden. Maar dan moet je razendsnel werken, de plank tegelijk zowel aan boven- en onderkant heet maken, hem warm op z'n plaats brengen en meteen vastklemmen. Dat is nog niet zo eenvoudig. We zullen zien of we dat kunstje een paar keer kunnen herhalen.
Wordt vervolgd.

Foto's Peter Dorleijn, Anita Muller)
Tekst AM


 

Restauratiejournaal 8

De tweede plank wordt in de juiste kromming gebrand. Frank houdt de brander eronder en stagiair Joost houdt het hout met een borstel goed nat.
Vrijwilligers Henk (r.) en Aernout slopen een bout met de grote 'kiezentrekker'.
Vrijwilliger Jippe steekt één van de houten pennen waarmee de oude boutgaten worden gedicht.
Het oude hout komt er in stukken en brokken uit, sommige nog mooi blank, maar andere al aardig zwart. Wat bewijst dat tijdig restaureren een verstandige beslissing was.

Restauratiejournaal 8

Om de vaart erin te houden gaan medewerkers van Scheepswerf Stofberg alvast aan het werk met de tweede huidgang, de bovenste aan bakboord, direct onder het berghout.

Foto's : Peter Dorleijn
Bericht: Anita Muller


 

Restauratiejournaal 7

Peter den Dunnen en Dirk zijn bezig met het krombranden van de eerste huidgang. Vroeger brandde men met bossen riet. Nu gebeurt dat met een gasbrander, die op de onderkant van het hout wordt gericht. Het hout wordt tegelijkertijd goed vochtig gehouden om inbranden tegen te gaan. Door warmte en vocht wordt het hout buigzaam.
De uitgezaagde plank steunt op een stelling en is aan één uiteinde verzwaard met een gewicht dat de plank op spanning houdt. Een staaf of buis in de juiste kromming wordt regelmatig langs de plank gehouden om te controleren of deze in de goede vorm buigt.
Op spiekbriefjes wordt aangegeven waar de oude gaten in de spanten zitten opdat daar niet opnieuw in wordt geboord.
De oude gaten waar de bouten in zaten zijn dichtgemaakt met houten pennen. Ze worden nog netjes afgewerkt met houtlijm.
Peter D vlakt de spanten af zodat de huidgang straks mooi strak aansluit.

Restauratiejournaal 7

Een lange stilte aan het restauratiefront betekent niet dat de boel een poos heeft stilgelegen, integendeel! De restauratieploeg gaat nog steeds driemaal per week met frisse moed in rotten van drie naar Enkhuizen om aldaar de strijd met het weerbarstige hout aan te binden.
Vooral de eerste huidgang gaf zich niet zomaar gewonnen. Eenmaal uitgezaagd en kromgebrand wilde hij maar niet passen. Na telkens verschuiven, bijschaven, veel leermomenten, een berg engelengeduld en zeker dertig keer erop en eraf tillen lukte het uiteindelijk. Lange rvs schroeven houden de nieuwe gang stevig op zijn plaats.

Foto's : Peter Dorleijn
Bericht: Anita Muller


 

Restauratiejournaal 6

Restauratiejournaal 6

Alle gaten van de oude bouten zijn opgevuld met handmatig ‘gestoken’ houten pennen. Met behulp van een buigzame lat zijn ongelijkheden in het verloop van de spanten weggewerkt. Nu kan de nieuwe huidgang worden ingemeten. Dat gaat met behulp van een houten mal, die vanwege de lengte – ruim zeven meter – is samengesteld uit drie delen. Een ingewikkeld karwei vanwege de vorm van het achterschip.

SCHRALE KONT

Een botter heeft een ‘schrale kont’: naar de achtersteven toe schuin oplopend en sterk gebogen. De mal krijgt dus een gebogen vorm en moet ‘in zwei’ worden uitgezaagd. Het verloop van de schuinte wordt met de zweihaak gemeten. De maten worden op een ‘zweiplankje’ afgetekend. De mal wordt smaller gemaakt dan de uiteindelijke huidgang en met klemmen op de spanten vastgezet. Met dwarslatjes kan dan de breedte van de nieuwe huidgang tot op de millimeter nauwkeurig worden aangegeven.

Aan de hand van de mal wordt bepaald welke plank uit de gezaagde stam het meest geschikt is. Bepalend daarbij is de uitdrukking ‘het hart wil de zon zien’, want hout 'werkt'. Aan de hartzijde heeft het de neiging in de breedte enigszins bol te trekken. Van die eigenschap kun je gebruik maken opdat de plank het verloop van de scheepsromp zo goed mogelijk volgt. Verder moet rekening worden gehouden met de ‘draad’ van het hout en eventuele noesten en scheurtjes. Een heel gepuzzel dus. Het gezegde luidt niet voor niets ‘met passen en meten wordt de meeste tijd versleten’. Nadat de mal langs een buigzame lat mooi vloeiend op het hout is afgetekend kan de cirkelzaag ter hand worden genomen.


 

Restauratiejournaal 5

Restauratiejournaal 5

Een hoopje roestige bouten zoals ze na vijfenvijftig jaar bij het slopen tevoorschijn kwamen. Voor het vastzetten van de nieuwe huidgangen worden straks roestvaste schroeven gebruikt. Niet authentiek, maar wel beter en onzichtbaar weggewerkt. De gaten waar de oude bouten hebben gezeten worden opgevuld met zelfgemaakte houten pennen. Voor het aanbrengen van de nieuwe huidgangen moeten nieuwe gaten worden geboord.

Buiten ligt de gezaagde stam eikenhout al klaar. Er is bewust gezocht naar een enigszins gebogen stam omdat de huidgangen niet recht zijn. Een deel van het hout kon worden bekostigd uit de opbrengsten van onze crowdfundingsactie 'Nieuw hout voor de botter MK 63': € 1.160,-! Met dank aan alle donateurs die dit bedrag bijeen hebben gebracht. Fantastisch!


 

Restauratiejournaal 4

Restauratiejournaal 4

Daar schrik je dan wel even van, als je ziet hoeveel hout er al uit is. En dit is nog maar één gang! Plus een stukje van de tweede gang aan stuurboord om erbij te kunnen voor het netjes afvlakken en laten stroken van een spant. Bij de restauratie van 1964 was dat niet mooi genoeg gebeurd naar de zin van de schipper. Tja, het moest toen allemaal snel gebeuren en je hebt ook niet altijd het beste hout voorhanden of je komt net een smal reepje tekort.
Nu heb je de kans om hier en daar wat aan te vullen of bij te schaven zodat het nieuwe hout straks mooi vlak aansluit.


 

Restauratiejournaal 3

Restauratiejournaal 3

Als de delen van de eerste (bovenste) huidgang tussen de spanten zijn weggezaagd moet het hout dat nog aan de spanten vastzit met de koudbeitel voorzichtig worden weggekloofd. Als dat gedaan is ziet het eruit zoals op bijgaande plaatjes.

Ook het fijne werk - het weghalen van houtsplinters en andere oneffenheden - vergt aardig wat tijd. Daarna worden de bouten en spijkers waarmee spanten en huidgangen aan elkaar zijn vastgezet verwijderd. Dat gebeurt net als bij de tandarts: met de 'kiezentrekker'. In de gaten die nu in de spanten overblijven worden houten pennen geslagen. Die moeten eerst handmatig worden gestoken, zoals dat heet, en precies pas gemaakt opdat er geen ruimte overblijft waar zich vocht, lucht en vuil kan verzamelen.


 

Restauratiejournaal 2

Restauratiejournaal 2

Daar gaat-ie dan. Peter Dorleijn zet onbarmhartig de zaag in de zij van de MK 63. Het werk dat hij 55 jaar geleden deed maakt hij nu weer ongedaan om slechte plekken van het hout in het achterschip te kunnen vervangen.
Het achterschip ligt grotendeeels boven water. Hout is een duurzaam materiaal. Onder water blijft hout langer goed dan erboven, maar met intensief onderhoud en natuurlijke smeermiddelen kun je de levensduur van het hout boven de waterlijn aanmerkelijk verlengen. Daardoor is het mogelijk zo'n oud vissersschip als varend erfgoed te behouden.

Omdat je niet zomaar hier en daar een stuk nieuw hout in zo'n schip kunt zetten moeten hele huidgangen van ruim acht meter worden vervangen. Dat is de enige manier om een sterk verband in het schip te kunnen behouden.
Op bijgaand filmpje van Dirk Lont zie je hoe eerst de delen van de bovenste huidgang tussen de spanten worden uitgezaagd. Daarna worden met beitel en hamer de delen van de huid die aan de spanten zijn vastgenageld voorzichtig losgeslagen. De nog uitstekende pennen of bouten waarmee de plank op de spanten was bevestigd worden er met de grote 'kiezentrekker' uitgetrokken. De resterende splinters worden weggewerkt en eventuele oppervlakkige slechte plekken in de spanten uitgekrabd, zorgvuldig opgevuld en vastgelijmd met een halfhoutje.


 

Restauratiejournaal 1

Restauratiejournaal 1

Voordat hij de loods in gaat wordt de botter grondig schoongespoten. Met de trekker wordt hij achterstevoren de werkloods van Scheepswerf Stofberg in gereden. Met z'n kop naar de wand zodat we alle ruimte hebben rond het achterschip, waar gerestaureerd moet worden. De kaarplaten, de geperforeerde houten platen aan weerszijden van de romp die het water in de bun doorlaten, zijn er al afgehaald.